jeudi 19 novembre 2015

(2) Dooyeweerd: Rationalism's Critical Flaw

 PREVIOUS PAGE (1)                                    NEXT PAGE (3)

Meaning as the mode of being of all that is created* 
     This universal character of referring and expressing, which is proper to our entire created cosmos, stamps created reality as meaning, in accordance with its dependent non-self-sufficient nature. Meaning is the being of all that has been created and the nature even of our selfhood. It has a religious root and a divine origin.

     Now philosophy should furnish us with a theoretical insight into the inter-modal coherence of all the aspects of the temporal world. Philosophy should make us aware, that this coherence is a coherence of meaning that refers to a totality. We have been fitted into this coherence of meaning with all our modal functions, which include both the so-called "natural" and the so-called "spiritual" [ie "normative" (FMF)]. Philosophy must direct the theoretical view of totality over our cosmos and, within the limits of its possibility, answer the question, "Wie alles sich zum Ganzen webt"["How everything weaves itself into the whole" (FMF)]

     Philosophical thought in its proper character, never to be disregarded with impunity, is theoretical thought directed to the totality of meaning of our temporal cosmos. These single introductory theses contain in themselves the entire complex of problems involved in a discussion of the possibility of genuine philosophy.

    Philosophical thinking is an actual activity; and only at the expense of this very actuality (and then merely in a theoretic concept) can it be abstracted from the thinking self.
This abstraction from the actual, entire ego that thinks may be necessary for formulating the concept of philosophical thought. But even in this act of conceptual determination it is the self that is actually doing the work. That ego is actually operating not merely in its thought, but in all the functions in which it expresses itself within the coherence of our temporal world.

     There is no single modal aspect of our cosmos in which I do not actually function. I have an actual function in the modal aspect of number, in space, in movement, in physical energy, in organic life, in psychical feeling, in logical thought, in historical development, in language, in social intercourse with my fellowmen, in economic valuation, in aesthetic contemplation or production, in the juridical sphere, in morality and in faith. In this whole system of modal functions of meaning, it is I who remain the central point of reference and the deeper unity above all modal diversity of the different aspects of my temporal existence.

(*) Translator's note: In the original Dutch text this heading reads: "De zin is het zijn van alle creatuurlijk zijnde". "Het zijn van het zijnde" has no more an equivalent in English than MARTIN HEIDEGGER'S "das Sein des Seienden," which is its German equivalent. W. Y. [William S. Young]
__________________________________________

Dr J. Glenn Friesen's Dooyeweerd Glossary
HERE

Free download of entire "New Critique of Theoretical Thought" 
HERE
__________________________________________

De zin als zijnswijze van alle creatuurlijk zijnde.
Dit universeele heen-wijzende en uitdrukkende karakter van heel onzen geschapen kosmos, stempelt de creatuurlijke werkelijkheid naar hare afhankelijke onzelfgenoegzame zijnswijze als zin. De zin is het zijn van alle creatuurlijk zijnde, de zijnswijze ook van onze zelfheid, en is van religieuzen wortel en van goddelijken oorsprong.

     De wijsbegeerte nu behoort ons theoretisch inzicht te verschaffen in den wereldsamenhang, als een, naar een totaliteit heenwijzenden, zin-samenhang, waarin wij met al onze functies, zoowel de zgn. natuur- als de zgn. geestesfuncties, gevoegd zijn. Zij moet den theoretischen blik der totaliteit over onzen kosmos richtenen binnen de grenzen harer mogelijkheid antwoord geven op de vraag Wie alles sich zum Ganzen webt.

     Het wijsgeerig denken in zijn eigenlijk, nimmer straffeloos te miskennen, karakter is: op de zin-totaliteit van onzen kosmos gericht, theoretisch denken.

     Deze enkele inleidende stellingen bevatten reeds in zich de geheele problematiek van de mogelijkheid van een wezenlijk wijsgeerig denken!

     Het wijsgeerig denken is een actueele werkzaamheid, welke slechts in het afgetrokken begrip - ten koste harer actualiteit - valt te abstraheeren van de zelfheid, de ik-heid, die in dit denken actueel werkzaam is.

     Deze abstractie van het actueele, volle ik, dat denkt, moge voor een begrips-omgrenzing van het wijsgeerig denken noodwendig zijn, in die begrips-omgrenzing blijft het ik zelve actueel werkzaam. Dat ik is niet slechts in zijn denken actueel werkzaam, maar in alle functies, waarin het zich binnen onzen tijdelijken wereldsamenhang uitdrukt en er is geen enkele zin-zijde van onzen kosmos waarin ik niet actueel zou fungeeren. Ik heb een actueele functie in den zin van het getal als eenheid, in de ruimte, in de beweging, in het organisch leven, in het psychisch gevoel, in het logisch denken, in de historische ontwikkeling, in de taal, in den omgang met mijn mede-menschen, in de economische waardeering, in de aesthetische beschouwing of werkzaamheid, in het rechtsleven, in de moraal, in het geloof. In dit geheele samenstel van kosmische zin-functies ben ik actueel werkzaam, in samenhang met andere ikken

Free download of entire "De Wijsbegeerte der Wetsidee
HIER
__________________________
PREVIOUS PAGE (1)                                    NEXT PAGE (3)